vrijdag 4 april 2014

Speenkruid (Ranunculus ficaria)

is evenals de bosanemoon (Anemone nemorosa) een lid van de ranokelfamilie en een zeer vroege lentebloeier.
Deze plant komt veel voor in stinzenplantentuinen en op die locatie staat ze ook in de Bijentuin, in tegenstelling tot de bosanemoon.
Speenkruid is een nectar en stuifmeelleverancier voor HONINGBIJEN, niet graag, maar wel traag en eveneens voor hommels en wilde bijen. 
http://www.bijenhelpdesk.nl/pld/PLD.Fotos/R/Ranun.ficaria/Bijen/Bijen.htm en

http://www.bijenhouden.nl/phpbb/viewtopic.php?t=27104&p=159481
De planten hebben graag dezelfde standplaats als de bosanemoon (zie artikel hieronder). Ze vermeerderen zich door knolletjes, die op spenen lijken. De Latijnse naam gaat uit van een gelijkenis met vijgen (ficaria). De bloemen zijn steriel. Hoewel leden van de ranokelfamilie giftig zijn, is deze plant eetbaar, met een hoog vitamine C gehalte.
Medicinaal worden de bolletjes na de bloeitijd gebruikt en het sap van verse bladeren voor de bloeitijd, De werking is pijnstillend, ontstekingsremmend  en aambeien genezend.



donderdag 3 april 2014

Anemone nemorosa, of bosanemoon

staat in bloei in de tuin. Deze vroege lentebloeier, draagt witte bloemen en bloeit voordat de bomen uitlopen. Heeft graag rijke bosgrond en een vochtig plekje ergens onder loofbomen, struiken of aan een waterkant. Bosanemonen zijn overblijvende voorjaarsbloeiers  en groeien en vermeerderen zich door middel van wortelstokken. Het blad is prachtig ingesneden. De plant is vaak te vinden in stinzenplantentuinen. HIER meer informatie. In de Bijentuin staan ze op een andere locatie onder krenten-, kersen-, en  hazelnotenbomen. Het is een drachtplant voor wilde bijen, maar ook honingbijen halen er pollen uit.


http://www.habitataid.co.uk/british-trees-plants-seeds/Wood-Anemone--Anemone-nemorosa.html



vrijdag 21 maart 2014

Corydalis solida Vingerhelmbloem, Prunus spinosa sleedoorn, Rana temporaria bruine kikker

sleedoorn (Prunus spinosa)
Vanmiddag om half vier stopte de regen, die de hele dag "met bakken uit de lucht" was gevallen.
De grond was droog en daarom was regen erg welkom. Toch was het doorbreken van de zon, aan het eind van de middag ook weer een verademing. Het natte weer had de planten zichtbaar goed gedaan. Het voorjaars gebeuren is nu volop aan de gang.
Sleedoornstruiken(Prunus spinosa) staan in bloei.
vingerhelmbloem  (Corydalis solida)
Voorjaars- of vingerhelmbloem ( Corydalis solida)  bloeit eveneens.

bruine kikker (Rana temporaria) 


Zelfs de bruine kikkers (Rana temporaria) in de vijver zijn ook  alweer actief.


woensdag 5 maart 2014

Mist en dauw

sleedoorn met rag
Vanmorgen lag de tuin in de mist. De waterdamp was in condensvorm op de planten neergeslagen.  Spinnenwebben worden door dit verschijnsel  mooi zichtbaar. Ze zijn in deze toestand een favoriet foto-object. Onderzoekers hebben zich verbaasd over het feit, dat spinrag  het water vast kan houden, bij menselijk haar lukt dat niet. Ze ontdekten dat droog rag  een kettingachtige structuur vormt. Twee vezels ondersteunen een reeks afzonderlijke afgeronde bolletjes, elk opgebouwd uit kleine, willekeurig met elkaar verweven nanovezels. Als waterdamp condenseert op deze bolletjes, krimpen ze  tot dicht opeengepakte knopen. Dunnere nanovezels verbinden de stukken. De knopen worden beter zichtbaar, deze gebieden worden 'gewrichten' genoemd. De onderzoekers bestudeerden de banen onder zowel elektronen en licht microscopen.  Ze merkten dat als water condenseert op het web, de  druppels bewegen naar het dichtstbijzijnde knoop, waar ze samensmelten tot grotere druppels.
lenteklokje met rag 
Ook  bij dauw, onder ander  in het najaar slaat waterdamp op de begroeiing neer. Tijdens de laatste zomer, waren er lange, droge periodes. Planten overleefden door de dauw, die 's nachts  neersloeg op de begroeiing. Naarmate dag en nachttemperaturen verder uit elkaar komen te liggen, neemt de dauw in sterkte toe.
http://www.keesfloor.nl/artikelen/weer/dauw/

http://www.nature.com/news/2010/100203/full/news.2010.47.html


dinsdag 4 maart 2014

Winterkoning (Troglodytes troglodytes)

Winterkoning (Troglodytes troglodytes) is in de tuin, een veel gezien, heel klein zangvogeltje, niet groter dan 10 cm. Hippend met het staartje omhoog en bij vermeent onraad snel wegfladderend, ergens laag in de begroeiing, is het moeilijk om het dier goed te fotograferen. Een onbekende fotograaf is het met veel geduld en een super camera, wel gelukt om een goede opname van deze vogel in de Bijentuin te maken.
Geweldig, dat gracieuze open snaveltje, het prachtige oogje en de ontspannen grip van het slanke klauwtje om de tak. Overigens is dit een elegant jong exemplaar onder zijn soortgenoten. Vaak is het lijfje veel meer gedrongen. Kenmerkend voor winterkoninkjes is dat de staart verticaal omhoog staat. Deze heeft de staart mooi afhangen in het verlengde van het lichaam. Juist daar is de afbeelding minder scherp, wat erop duidt, dat op het moment van opname, de staart even in deze stand stond, voor de balans. Winterkoninkjes eten insecten en spinnen. Ze broeden meerdere keren per seizoen met 3 tot 8 jongen. Nestjes maken ze in struiken ongeveer een meter boven de grond. Door hun gedrongenheid zijn het slechte vliegers. Er is geen kleurverschil tussen de seksen.
Het geluid; een luide zang, eindigend in een triller, kunt u HIER vinden.
Hier Wikipedia informatie in het Neder-Saksisch.

http://www.arkive.org/wren/troglodytes-troglodytes/image-G141657.html



vrijdag 28 februari 2014

Lenteklokje Leucojum vernum

Eén exemplaar van het lenteklokje verschijnt trouw, elk jaar met een prachtige bloem in de stinzenplantentuin. Een geofyt, die in ons klimaat vorstbestendig is. 
Net als het sneeuwklokje is het een knikkend bloempje aan een stengel.
lenteklokje Leucojum vernum 
Maar deze groeit ver boven het blad uit.  De kleur van de dekbladen is wit, aan de randen voorzien van een geel/groene vlek. Het hart is oranje. Het klokje is een voedselplant voor honingbijen, als leverancier van pollen en nectar.
Alle delen van de plant zijn giftig. Medicinale studies hebben gesuggereerd dat de bollen, alkaloïden met hoge anti-retrovirale eigenschappen tegen het HIV-1 virus bevatten.

http://www.kew.org/plants-fungi/Leucojum-vernum.htm

http://www.youtube.com/watch?v=8TR_ugWwd6w

donderdag 27 februari 2014

Kraaiheide (Empetrum nigrum)

Tot voor kort kwam deze heidesoort nog in de Bijentuin voor.
Met moeite hebben een paar struiken, zich lange tijd kunnen handhaven.
Uiteindelijk werden ze van hun plaats verdrongen, door opschietende struiken, varens en mossen. De grond werd er te rijk, o.a. door de humus van de vallende bladeren. Kraaiheide gedijt op open, koele plaatsen, met voedselarme zandgrond. Het liefst op de noordkant van hellingen. Dan mag er af en toe een zonneflits over heen gaan, maar op oostelijke en westelijke hellingen is het al  vaak te warm, laat staan op een zuid kant. De soort heeft hier in deze contreien ook de meest zuidelijke grens bereikt. Een kilometer of vijf verderop in die richting, komt dit soort heide al niet meer voor.
Kraaihei bloeit in april /mei. De bloemen zijn eenslachtig en staan in de bladoksels.
Mannelijke bloemen zijn rose en vrouwelijke- hebben een paarse kleur. De laatste geven de bessen, die eind augustus rijp zijn. De steenvruchten worden niet alleen door kraaien gegeten, maar vooral door spreeuwen. Het blad is naar achteren, naar beide zijden omgekruld en vormt daardoor kokertje. In het midden van de achterkant loopt een wit streepje die eigenlijk een spleet is. Witte haartjes sluiten het kokertje van de buitenwereld af. De huidmondjes zitten daarbinnen. Dit is een ingenieuze manier om verdamping tegen te gaan, of juist te bevorderen.
Vandaar dat de plant ook op wat vochtige grond, zich goed kan handhaven.

De bloemen bestuiven hoofdzakelijk door de wind, maar insecten zijn er ook op waargenomen.  
kraaiheide met bessen

donderdag 6 februari 2014

Boerenkrokus crocus-tommasinianus


Ook de BOERENkrokus is er zoals elk voorjaar, al weer vroeg bij.
Een link naar het mooie plaatje van vorig jaar in de sneeuw en een beschrijving van het bolgewas, vindt u HIER 
In dat artikel zit weer een link naar het jaar 2012. Leuk om de verschillen per jaar eens te zien.
In 2011 vloog er op een moment dat de zon op de bloemen scheen, een BIJ rond een geopende bloem, met flinke gele stuifmeel korven aan de pootjes. Een teken dat de bol een BIJ- vriendelijk gewas is.







woensdag 22 januari 2014

Doolhofzwam (Daedalea quercina)

Een doolhofzwam (Daedalea quercina), Deze harde console-vormige zwam heet zo vanwege de onderkant. De manier, waarop de lamellen  in elkaar overlopen, lijken op een labyrint. De wetenschappelijke naam is een vernoeming naar Daedalus, die opgesloten in het labyrint van Knossos op Kreta, hieruit weet te ontsnappen met zijn zoon Icarus, door vleugels van was aan hun armen te bevestigen. De tweede naam slaat op de eik. Het is een saprofyt, die soms ook parasitair kan leven. Saprofyt wil zeggen: een schimmel die  leeft van dood organisch materiaal. De zwam is niet giftig, maar ook niet eetbaar.



vrijdag 17 januari 2014

Sleedoorn (Prunus spinosa) in de knop

Onder invloed van het zachte weer, verschijnen er nu al knoppen aan de sleedoornstruiken. (Prunus spinosa) Sleedoorn is familie van de roos.
De plant bloeit eind maart en in april. Het is een naakt bloeier, met erg hard hout en de doorns zijn lang en scherp. Hierdoor beschermd de struik zichzelf en ook andere planten die er onder groeien. Voor bestuiving is de sleedoorn afhankelijk van bijen, vooral de HONINGBIJ levert een grote bijdrage aan de bevruchting. De zeldzame sleedoornpage heeft de struik als waardplant. De rupsen van deze vlinder leven van het blad. Stippelmot (Yponomeuta padella) is een plaag, die zich in mei weleens voordoet op de struik. Bloesem, bladeren en vruchten zijn medisch inzetbaar tegen lichte blaasontsteking. De vruchten zijn eetlust bevorderend. Ze worden pas goed om te eten als de vorst er over heen gegaan is. Daarvoor smaken ze erg wrang, met een stroeve nasmaak. Slee betekent in het Nedersaksisch ook stroef.
Link naar sleedoornpage.

Because of the mild weather, appear knobs on the blackthorn bushes (Prunus spinosa).
The plant blooms in late March and April, on bare wood. The thorns are long and sharp. This protects the shrub itself and other plants that grow under it.  For pollination Blackthorn  depends on bees, especially the HONEYBEE. The rare Thecla betulae (Brown Hairstreak)  has the shrub as a host plant. The caterpillars of this butterfly life of the blackthorn leaves.  Orchard Ermine (Yponomeuta padella) is a scourge, which sometimes occurs in May. Blossoms, leaves and fruits are medically deployable against light cystitis. The fruits stimulates appetite. They are only good to eat when the frost has been over it. Before, they taste bitter.

donderdag 16 januari 2014

dinsdag 7 januari 2014

Roodborstjes (Erithacus rubecula)

Roodborstjes (Erithacus rubecula) is een fleurige gast in de wintertuin. Het is geen standvogel. De zomerpopulatie vertrekt in de herfst naar het zuiden. Scandinavische vogels komen weer naar onze streken om te overwinteren. Het vogeltje is veel op de grond en waagt zich nogal eens dicht bij de huizen.
Het roodborstje eet insecten; kevers, slakken, spinnen, wormen enz. in de winter eten ze ook bessen. Er is geen zichtbaar verschil tussen mannetjes en vrouwtjes. Buiten de paartijd is het gedrag tussen de seksen nogal onsympathiek.
Ze eten van voedertafels. Nestelen doen ze in heggen, bossen, gaten en spleten. Hoe oud ze worden weet ik niet, maar in het verleden zag ik drie winters achtereen een roodborstje met één pootje op de voedertafel verschijnen. De vierde winter keek ik tevergeefs naar het dier uit. Het is mogelijk zelf een nestkastje te creëren. Zie HIER de tips.
Hier hun geluidjes en meer info: http://www.ivnvechtplassen.org/ivn_vogels_park_bos/Roodborst_Erithacus-rubecula.html



Robins (Erithacus rubecula)are colorful guests in the winter. It is not a stand bird. The summer population  trekt in autumn to the south. Scandinavian birds come to our region to overwinter. The bird is much on the ground and dares to come close to the houses.
The robin eats insects, beetles, snails, spiders, worms, etc. in the winter they also eat berries. There is no visible difference between males and females. Outside the breeding season the behavior between the sexes is quite unsympathetic.
They eat from feed tables. They nest in hedges, woods, holes and crevices. How old they become, I do not know, but in the past I saw three consecutive winters a robin with a leg appear on the feed table. The fourth winter I looked in vain for the animal out.